Skibinding
DIN-waarde berekenen: skibinding instellen (ISO 11088)
Bereken de DIN-waarde voor de instelling van uw skibinding volgens de norm ISO 11088.
Welke DIN-waarde heb ik nodig? De tabel volgens ISO 11088 loopt van DIN-waarde 0,75 voor de lichtste kinderen tot 11,5. Een volwassene van 75 kg, skiërtype 2 en gemiddelde lengte (167 tot 178 cm) komt bij een zoollengte van 251 tot 350 mm uit tussen 5,5 en 7,5. Lengte telt even zwaar als gewicht: de berekening neemt de laagste van de twee codes. Ook Z-waarde of ontgrendelwaarde genoemd.
Bron: ISO 11088, Alpine ski/binding/boot (S-B-B) system: Assembly, adjustment and inspection
VEILIGHEID: Deze DIN-calculator is alleen een richtlijn. De juiste ontgrendelwaarde is van groot belang voor uw veiligheid. Laat uw binding altijd door een technicus van een skiservice instellen en controleren op een gekalibreerd testapparaat.
DIN-tabel (ISO 11088)
De volledige tabel uit de norm ISO 11088, waaruit de calculator hierboven leest: gewicht en lengte geven de code, de kolom van de zoollengte geeft de DIN-waarde. De waarden komen rechtstreeks uit het rekenmodel.
Uw resultaat is hieronder gemarkeerd.
| Skiër | DIN-waarde per zoollengte (mm) | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gewicht | Lengte | Code | ≤230 | 231 tot 250 | 251 tot 270 | 271 tot 290 | 291 tot 310 | 311 tot 330 | 331 tot 350 | ≥351 |
| 10 tot 13 kg | A | 0,75 | 0,75 | 0,75 | ||||||
| 14 tot 17 kg | B | 1 | 0,75 | 0,75 | 0,75 | |||||
| 18 tot 21 kg | C | 1,5 | 1,25 | 1,25 | 1 | |||||
| 22 tot 25 kg | D | 2 | 1,75 | 1,5 | 1,5 | 1,25 | ||||
| 26 tot 30 kg | E | 2,5 | 2,25 | 2 | 1,75 | 1,5 | 1,5 | |||
| 31 tot 35 kg | F | 3 | 2,75 | 2,5 | 2,25 | 2 | 1,75 | 1,75 | ||
| 36 tot 41 kg | G | 3,5 | 3 | 2,75 | 2,5 | 2,25 | 2 | |||
| 42 tot 48 kg | ≤1,48 m | H | 3,5 | 3 | 3 | 2,75 | 2,5 | |||
| 49 tot 57 kg | 1,49 tot 1,57 m | I | 4,5 | 4 | 3,5 | 3,5 | 3 | |||
| 58 tot 66 kg | 1,58 tot 1,66 m | J | 5,5 | 5 | 4,5 | 4 | 3,5 | 3 | ||
| 67 tot 78 kg | 1,67 tot 1,78 m | K | 6,5 | 6 | 5,5 | 5 | 4,5 | 4 | ||
| 79 tot 94 kg | 1,79 tot 1,94 m | L | 7,5 | 7 | 6,5 | 6 | 5,5 | 5 | ||
| 95+ kg | ≥1,95 m | M | 8,5 | 8 | 7 | 6,5 | 6 | |||
| N | 10 | 9,5 | 8,5 | 8 | 7,5 | |||||
| O | 11,5 | 11 | 10 | 9,5 | 9 | |||||
| voorbij O | 12 | 11 | 10,5 | |||||||
Z is het getal dat op de binding wordt ingesteld, meestal DIN-waarde genoemd.
- Tot en met 13 kg worden geen verdere correcties toegepast.
- Tot en met 17 kg wordt het skiërtype niet op verzoek verlaagd (type min).
Ontgrendelmoment per code
Uw code is hieronder gemarkeerd.
| Code | MZ (N·m) | MY (N·m) |
|---|---|---|
| Ondergrens tolerantie | 5 | 18 |
| A | 8 | 29 |
| B | 11 | 40 |
| C | 14 | 52 |
| D | 17 | 64 |
| E | 20 | 75 |
| F | 23 | 87 |
| G | 27 | 102 |
| H | 31 | 120 |
| Code | MZ (N·m) | MY (N·m) |
|---|---|---|
| I | 37 | 141 |
| J | 43 | 165 |
| K | 50 | 194 |
| L | 58 | 229 |
| M | 67 | 271 |
| N | 78 | 320 |
| O | 91 | 380 |
| voorbij O | 105 | 452 |
| voorbij O | 121 | 520 |
| Bovengrens tolerantie | 137 | 588 |
MZ en MY zijn de draaimomenten waarbij de binding moet loslaten, gecontroleerd in de skiservice op een testapparaat. Om de binding in te stellen is alleen de DIN-waarde nodig.
Waar deze cijfers vandaan komen
Elke waarde in de calculator en de tabel komt uit dezelfde tabel van de norm ISO 11088. Niets is apart overgenomen, daarom kan de tabel niet afwijken van het resultaat van de calculator.
De leeftijdsgrenzen volgen ISO 11088: skiërs tot en met 9 jaar en vanaf 50 jaar schuiven een rij omhoog.
De norm legt de tabel vast: de klassen voor gewicht, lengte en zoollengte, de codeletters en de waarde in elke cel. De koppeling tussen de woorden op deze pagina en de skiërtypes is onze lezing: beginner komt overeen met type 1, gevorderd met type 2, expert met type 3. ISO 11088 beschrijft de types naar de manier van skiën, niet naar ervaring. Bij twijfel telt de manier van skiën, en de instelling hoort op een gekalibreerd testapparaat.
Wat is de DIN-waarde?
De DIN-waarde is een genormeerd getal dat aangeeft hoeveel kracht er nodig is voordat de skibinding bij een val loslaat. Hoe hoger de waarde, hoe meer kracht er nodig is; hoe lager, hoe gemakkelijker de binding loslaat. De ISO 11088-tabel die deze calculator gebruikt, loopt van 0,75 tot 11,5. Elke binding heeft een eigen instelbereik, de DIN-schaal op de voorbinding en het hielstuk, en uw DIN-waarde moet daarbinnen vallen. De naam DIN komt van het Deutsches Institut für Normung, het Duitse normalisatie-instituut dat de oorspronkelijke norm opstelde.
De juiste DIN-waarde weegt twee risico's tegen elkaar af. Is ze te laag, dan laat de binding los tijdens gewoon skiën en veroorzaakt ze zelf valpartijen. Is ze te hoog, dan gaat de binding bij een echte val niet open en stijgt het risico op knieblessures (voorste kruisband, binnenste band) en een gebroken onderbeen.
Hoe wordt de DIN-waarde berekend?
De methode van ISO 11088 geeft elke skiër op basis van vijf gegevens een codeletter (A tot O) en leest met de zoollengte de DIN-waarde af in een tabel:
- Gewicht: geeft een code. Zwaardere skiërs hebben meer ontgrendelkracht nodig.
- Lengte: geeft een tweede code. De laagste van de twee is het vertrekpunt.
- Skiërtype (1, 2, 3): Type 1 (voorzichtig) is het vertrekpunt, type 2 (gemiddeld) een stap hoger, type 3 (snel en sportief) twee stappen hoger.
- Leeftijd: Skiërs tot en met 9 jaar en vanaf 50 jaar schuiven een rij omhoog in de tabel en krijgen zo een lagere waarde.
- Zoollengte: Met de code wordt de DIN-waarde afgelezen in de kolom van de zoollengte. Een langere zool geeft een lagere waarde, omdat dezelfde draaikracht op een langere hefboom werkt.
De weg naar uw DIN-waarde
Zo wordt uw resultaat in de tabel afgelezen: gewicht en lengte geven de code, skiërtype en leeftijd verschuiven die, de zoollengte kiest de kolom.
Skiërtype en leeftijd
Type 1 houdt de code van gewicht en lengte, type 2 schuift een rij omlaag, type 3 twee. Skiërs tot en met 9 jaar en vanaf 50 jaar schuiven een rij omhoog.
Zoollengte
De zoollengte wordt gemeten van de hiel tot de neus en staat in millimeter op de hiel of op de zijkant van de zool. Het is niet de schoenmaat.
De regels op een rij
- Skiërtype: Type 1 gebruikt de code van gewicht en lengte, type 2 een rij lager, type 3 twee rijen lager.
- Leeftijd: Skiërs tot en met 9 jaar en vanaf 50 jaar schuiven een rij omhoog.
- Kinderen tot en met 13 kg: altijd code A, zonder correctie voor skiërtype of leeftijd.
- Type 3 voor kinderen: niet aanbevolen voor kinderen tot en met 22 kg.
- Lege cel: Geeft de tabel voor een zoollengte geen waarde, dan geldt de dichtstbijzijnde waarde in dezelfde rij.
DIN-waarde voor kinderen
Kinderen liggen in deze calculator tussen DIN-waarde 0,75 en 3,5, duidelijk onder volwassenen, omdat hun gewrichten nog groeien en de binding gemakkelijker moet loslaten. Kies voor kinderen tot en met 9 jaar de leeftijdsgroep tot en met 9. Verhoog de DIN-waarde van een kind nooit om te voorkomen dat de binding onnodig loslaat; de oorzaak is meestal de techniek of versleten materiaal. Kinderen groeien snel, dus bereken de waarde elk seizoen opnieuw.
Uw skibinding instellen
Met een kruiskopschroevendraaier draait u de stelschroef op de voorbinding en het hielstuk tot de schaal uw DIN-waarde aangeeft. Beide moeten dezelfde waarde tonen. Met de klok mee wordt de binding meestal strakker, tegen de klok in losser.
Na elke instelling hoort de binding op een gekalibreerd testapparaat. De meeste skiservices stellen bindingen gratis of tegen een kleine vergoeding in en meten daarbij het werkelijke ontgrendelmoment.
Veelgestelde vragen
Wat is de DIN-waarde?
De DIN-waarde is de ontgrendelwaarde van een skibinding: een genormeerd getal volgens ISO 11088 dat aangeeft bij welke kracht de binding bij een val opengaat. Ze heet ook Z-waarde; dat is hetzelfde. Ze hangt af van gewicht, lengte, leeftijd, skiërtype en zoollengte.
Hoe kan ik mijn DIN-waarde berekenen?
Vul hierboven skiërtype, leeftijd, gewicht, lengte en zoollengte in. De calculator bepaalt daaruit de code volgens ISO 11088 en leest de DIN-waarde af in de kolom van uw zoollengte. Laat de waarde daarna in een skiservice instellen en controleren.
Welke DIN-waarde heeft een beginner?
Volwassen beginners komen in deze calculator uit op DIN-waarde 2 tot 8,5, afhankelijk van gewicht, lengte, leeftijd en zoollengte; kinderen liggen lager. Beginners vallen onder type 1, dat de laagste waarden van de tabel geeft en gemakkelijk loslaten voorop stelt.
Waar vind ik de zoollengte?
De zoollengte, BSL, is de lengte van de skischoenzool in millimeter. Ze staat op de zijkant van de zool gedrukt, meestal bij de hiel. De calculator deelt ze in klassen in van 230 mm en korter tot 351 mm en langer. Een langere zool geeft een lagere DIN-waarde.
Kan ik de DIN-waarde zelf instellen?
De schroef verdraaien is eenvoudig, maar het werkelijke ontgrendelmoment moet op een gekalibreerd testapparaat gecontroleerd worden. De meeste skiservices stellen bindingen bij het begin van het seizoen gratis of tegen een kleine vergoeding in en controleren ze.
Wat gebeurt er als de DIN-waarde te hoog is?
De binding gaat bij een val niet open, omdat er meer kracht nodig is dan de val oplevert. Dat verhoogt het risico op een gescheurde kruisband of binnenste band en op een gebroken scheenbeen sterk. Een te hoge DIN-waarde is de gevaarlijkste fout.
Wat gebeurt er als de DIN-waarde te laag is?
De binding laat te gemakkelijk los tijdens gewoon skiën, bijvoorbeeld in harde bochten, op bulten of bij hogere snelheid. Het plotseling verliezen van een ski leidt tot valpartijen die bij snelheid zelf zware blessures kunnen veroorzaken.
Is de DIN-waarde bij alle bindingsmerken hetzelfde?
Ja. De DIN-waarde volgt ISO 11088 en is hetzelfde bij Marker, Salomon, Look, Tyrolia, Atomic, Rossignol en Fischer: hetzelfde getal bij Marker komt overeen met hetzelfde getal bij Salomon. Alleen de mechaniek verschilt, daarom hoort na elke instelling een testapparaat het draaimoment te bevestigen.
Wat betekent Z in de DIN-tabel?
Z is de instelwaarde volgens ISO 11088: het getal op de schaal van de binding waarop u de stelschroef draait. Meestal heet het DIN-waarde. Het heeft geen eenheid; de ontgrendelmomenten in newtonmeter meet de skiservice op een testapparaat.
Welke DIN-waarde voor gevorderde skiërs?
DIN-waarde 2,5 tot 8,5 voor gevorderde volwassenen in de gewichtsklassen 67 tot 94 kg; lengte en zoollengte bepalen waar u in die spreiding uitkomt. Kies hierboven Gevorderd voor een exacte waarde volgens ISO 11088.
Geldt de leeftijdscorrectie vanaf 50 of boven 50?
Vanaf 50. In de tabelmethode van de norm ISO 11088, die deze calculator gebruikt, schuiven skiërs vanaf 50 jaar een rij omhoog en krijgen zo een lagere waarde. Veel gidsen schrijven "boven 50", maar de norm bedoelt 50 jaar en ouder. Kinderen tot en met 9 jaar krijgen dezelfde correctie.
Mag een kind skiërtype 3 gebruiken?
Skiërtype 3 wordt niet aanbevolen voor kinderen tot en met 22 kg. Tot en met 13 kg is er helemaal geen correctie voor skiërtype of leeftijd, dus de waarde is voor elk type gelijk.
Waarom speelt de leeftijd een rol?
Skiërs tot en met 9 jaar en vanaf 50 jaar schuiven volgens ISO 11088 een rij omhoog in de tabel en krijgen zo een lagere waarde. Bij kinderen groeien de botten nog, bij oudere skiërs neemt de botdichtheid af, zodat dezelfde kracht een groter risico op letsel betekent.
Meer calculators (in het Engels): Ski Length Calculator · Ski Boot Size · Binding Compatibility
Bijgewerkt: november 2026. Gebaseerd op de norm ISO 11088.